Op de Panepistimiou straat staan drie opvallende gebouwen die ongeveer in dezelfde periode zijn gebouwd. Dat zijn de Academie, de Universiteit en de Nationale bibliotheek. Deze werden allen in de periode na de Griekse onafhankelijkheid gebouwd, halverwege de 19e eeuw. Architecten van deze "kunstwerken" waren de Deense gebroeders Hansen die in die tijd in Athene woonden. Het gebouw van de Academie van Athene werd in de periode 1859-1866 gefinancierd door Simon Sina. In 1877 werd de organisatie samengesteld, maar pas in 1926 werd deze officieel gesticht. Doel van de Academie is het bevorderen van de wetenschappen en kunst. Bij de centrale trap aan de ingang staat aan de linkerflank het beeld van Platon (2m 40) en aan de rechterflank het beeld van Socrates (2 m 40). Opvallend zijn de twee hoge zuilen waarop de beelden van Godin Athena (3 meter 71 hoog) en van de God Apollo (3 meter 71 hoog) staan.
Foto's van de Academie, de Universiteit en de Nationale Bibliotheek van Athene
méér foto's van Athene
De Universiteit en de Nationale bibliotheek
Links van de Academie staat het gebouw van de Universiteit van Athene. Het gebouw van de Atheense Universiteit werd in de periode 1839-1864 gebouwd door de Deense architect Hans Christian Hansen. De mooie fresco's zijn door de Duitser Karl Rahl geschilderd. Naats de Universiteit bevindt zich de Nationale bibliotheek. Deze bibliotheek is de grootste van Griekenland en werd in de periode 1887-1902 door Theofil Hansen ontworpen.
Beoordelingen AtheneLees vakantiebeoordelingen Athene
Athene
8.4
Aanbevolen door GriekseGidsBoek hier St George Lycabettus*****
|
Foto's van de Academie, de Universiteit en de Nationale Bibliotheek van Athene
Links: Academie Athene: God Apollon op de lange zuil
Rechts: Academie Athene, beelden van Zeus en van de Griekse Goden


Links: De Nationale Bibliotheek van Athene
Rechts: Nationale en Kapodistria Universiteit Athene


Links: Beeld van Socrates (2m 40 cm): Academie Athene
Rechts: Panepistimiou str met links de Universiteit en rechts de Academie
Teksten: Jorgos Nikolidakis
