
Kies welke cookies je wilt toestaan. Noodzakelijke cookies zijn altijd actief.
Tekst en fotografie: Frans Groenendaal - De Griekse Gids
Laatst geupdate: 01-07-2026
*Dit reisverhaal is een verkorte versie van het artikel in Griekse Gids Glossy 18 - zomer 2026
Het is aardig druk in de haven op Kos voor de overtocht naar Leros. Strikt op tijd komt de ferry aan en in een mum van tijd stappen er een dikke honderd passagiers in en uit. Het lijkt misschien rommelig, maar het verloopt allemaal erg soepel.
"Met de ferry van eiland naar eiland is heerlijk!"
Zo’n tocht met een ferry blijft altijd speciaal. Je vaart langs kleine eilanden, ziet zo nu en dan wat andere boten en tussendoor geniet je van een versnapering.
Na een tussenstop in de haven van Kalymnos, altijd even leuk om te zien, komen we binnen het uur aan in de haven van Agia Marina, de hoofdstad van Leros.

Leros ligt tussen Kalymnos en Patmos en is een klein eiland zonder massatoerisme. Leros is vooral bekend vanwege de rustige zandstranden en authentieke dorpen.
Een taxichauffeur staat vrolijk met een bord te zwaaien en binnen een kwartier staan we bij onze accommodatie in het dorpje Alinda. Het is een erg knus complex. Achter de balie zitten mede-eigenaresse Catherina en haar zoon Manolis, die in koor en met behulp van een plattegrond vertellen wat we de komende dagen allemaal kunnen gaan doen en zien. Zoals zo vaak voelen we ons direct thuis. Helemaal als we de kamer betreden: met uitzicht op het sfeervolle zwembad en de daarachter liggende baai van Alinda. Wat een ultieme rust heerst hier.

We rijden in zo’n tien minuten naar Agia Marina. Dit is een levendig dorp gelegen in een bijna afgesloten baai. Het dorp zit eigenlijk vastgeplakt aan Platanos, de vroegere hoofdstad van Leros. We zien witte huisjes tegen de hellingen gelegen, indrukwekkend.
Vanaf de kade zien we op een heuvel een groot kasteel liggen. Dat gaan we komende dagen zeker een keer bezoeken. “Wat zul je vanaf daar boven een waanzinnig uitzicht hebben over het eiland”, bedenk ik me.
Na een paar minuten verder rijden komen we aan in het levendige dorp Panteli. De stoeltjes van de tavernes staan op het grotendeels georganiseerde strand bijna letterlijk in het water, wat een gezelligheid. Panteli is de meest populaire badplaats van het eiland en is ook bekend vanwege de windmolens. Panteli zit feitelijk vast aan Platanos en Agia Marina; de drie dorpen zijn niet van elkaar te onderscheiden. Op de wegen zie je ook amper borden, dus soms weet je niet eens in welk dorp je bent. Grappig toch?
Na een paar minuten verder rijden komen we aan in het levendige dorp Panteli. De stoeltjes van de tavernes staan op het grotendeels georganiseerde strand bijna letterlijk in het water, wat een gezelligheid.
Panteli is de meest populaire badplaats van het eiland en is ook bekend vanwege de windmolens. Panteli zit feitelijk vast aan Platanos en Agia Marina; de drie dorpen zijn niet van elkaar te onderscheiden. Op de wegen zie je ook amper borden, dus soms weet je niet eens in welk dorp je bent. Grappig toch?
We gaan op weg naar het zuiden en komen na zo’n 5 kilometer aan in de grotere haven van het dorpje Lakki. De haven van Lakki is één van de grootste natuurlijke havens van Griekenland. Lakki heeft een Italiaanse oorsprong. Aan de haven staan grote statische gebouwen die in het begin van de 20e eeuw gebruikt werden door de Italiaanse marine. Het is rustig in Lakki en de weg langs de boulevard is opvallend breed.
We rijden naar Merikia om het zogenaamde “War Museum” te bezoeken. De heuvelachtige route erheen is werkelijk betoverend met een prachtig uitzicht op de baai van Lakki. We rijden langs een aantal bunkers en als we aankomen zien we voor de ingang van het museum een Lockheed F104 Starfighter staan.
Het museum is gelegen in een netwerk van tunnels dat is gebouwd door de Italianen en aanvankelijk werd gebruikt als munitiedepot. We worden hartelijk welkom geheten, kopen een ticket en lopen de tunnel in. De vrouw wijst ons erop dat er achter in de tunnel net een film is begonnen over de Slag om Leros in 1943.
Leros was in de Tweede Wereldoorlog erg belangrijk zo blijkt. We lopen de andere tunnels in en bekijken allerlei originele Italiaanse, Duitse en uiteraard Griekse voorwerpen uit de Tweede Wereldoorlog. Heel indrukwekkend. Het hoort uiteraard niet echt bij een Grieks vakantiegevoel maar toch zijn we blij dat we dit museum hebben bezocht. Dit museum is immers een belangrijk onderdeel van de geschiedenis van Leros.
Leros verkennen heeft een groot voordeel: de afstanden zijn zo klein dat je op één dag heel wat bezienswaardigheden kunt bezoeken. Na Merikia rijden we door het binnenland naar Gourna Beach. Dit strand, gelegen aan de baai van Gourna en onderdeel van het gelijknamige dorpje is één van de langste stranden van het eiland. We zien amper toeristen, toch is dit strand ideaal voor gezinnen met kinderen omdat de zee niet snel diep wordt. Als je echt op zoek bent naar een rustig strand dan is Gourna Beach ideaal.
Hierna rijden we naar een heel speciale plek op Leros die je echt moet hebben gezien als je Leros bezoekt: het kapelletje van Agios Isodoros in het dorpje Kokkali, midden in de zee gelegen op een klein rotseiland. Het is net alsof dit kapelletje uit de zee komt, het ziet er erg fotogeniek uit. We lopen over een smalle stenen dijk naar de kleine kapel toe. Aangekomen op het pittoreske eilandje genieten we van het uitzicht.

Alinda is een erg klein dorp met redelijk wat kleine accommodaties. Ons hotel ligt een dikke 200 meter van het smalle langgerekte zand/kiezelstrand, deels georganiseerd en deels ongeorganiseerd en gelegen aan de baai van Alinda. Er zijn een aantal tavernes met de tafels bijna in het water staand. Het is een zeer rustig dorp zo blijkt.
In de avond als de zon onder gaat nemen we plaats in een taverne aan het water. Het uitzicht in de verte op het verlichte kasteel dat we zagen vanuit de haven van Agia Marina is magisch.
Als we de volgende dag langs het strand verder rijden komen we nog een klein strand zonder naam tegen en daarna het strand van Dyoliskaria. Ook hier weer geen hectiek, wat strandbedden en stoelen op het strand waar je plaats kunt nemen als je een consumptie verbruikt. Ook op dit strand staan wat tamariskbomen die voor de nodige verkoeling zorgen.

“Panagia Kavouradena moet je echt gezien hebben” had Catherina ons tijdens het inchecken met een glimlach ingepeperd. Gehoorzaam als altijd gaan we op weg richting het dorpje Xirokampos. Onderweg vlakbij Xirokampos slaan we even af naar links om via een korte best wel steile weg Palaiokastro te bezoeken. Dit zijn de meer dan 2000 jaar oude overblijfselen van een oud kasteel. Tussen de overblijfselen is een leuk kapelletje gebouwd. Het uitzicht vanaf de ruïnes is geweldig.
Xirokampos, gelegen aan de gelijknamige baai, is een klein dorp met een net zo kleine jachthaven en een rustig kiezelstrand met aan het strand wat tavernes. We rijden dus maar door en komen inderdaad na een paar minuten bij de kapel. We lopen langs een stenen pad naar beneden en komen bij de kapel die werkelijk in rotsen aan zee is gebouwd. Het is geweldig om te zien.
Zoals zo veel kapelletjes is ook deze gebouwd vanwege een legende. Een visser zou een icoon van de Maagd Maria hebben gevonden te midden van krabben, kreeften etc. Het kapelletje, met de daarachter liggende baai, blijkt een ideale plek om een mooie foto te schieten.

Vanaf het kapelletje van Kavouradena rijden we naar Agios Kioura, een piepklein strand. Het is de langste rit die we op Leros kunnen maken: we rijden van het uiterste zuiden naar het uiterste noorden, zo’n 18 kilometer.
Agios Kioura is een werkelijk schitterend maar klein kiezelstrand zonder enige voorzieningen. Er zitten wat mensen die allemaal hun eigen consumpties mee hebben gebracht. Deze plek moet je echt weten. Vanaf het strand kijk je in de verte op het onbewoonde eiland Stroggili, het is een idyllisch gezicht.
Het is de laatste dag op Leros: tijd om eindelijk eens het imposante Kastro tis Panagias te gaan bezoeken, boven op een heuvel genaamd Apitcychi, dat zo goed zichtbaar is vanuit de haven van Agia Marina. Toch besluiten we, eigenwijs als we zijn, de trappen maar te nemen, we zijn er nu eenmaal toch. We parkeren de scooter en beginnen aan een work-out van maar liefst 170 grote treden.
Gelukkig worden we zwetend bovengekomen beloond. Het imposante kasteel werd ongeveer 1000 jaar geleden gebouwd. Staand aan de rand van het kasteel heb je een panoramisch uitzicht op Leros en de Egeïsche zee. Ook de rij windmolens van Panteli zijn goed te zien. “Wat zal je hier kunnen genieten van een mooie zonsondergang” besef ik.
De volgende ochtend brengt een taxi ons naar de haven. De chauffeur herkent ons nog van de heenweg. Hij vraagt ons wat we van Leros vinden. “Een paradijsje” is ons duidelijke antwoord. “Jullie gaan hier terugkomen” zegt hij zelfverzekerd. Hij zou wel eens gelijk kunnen hebben.

Wil je op de hoogte blijven van al het nieuws over Griekenland en de Griekse Gids schrijf je in voor onze gratis digitale nieuwsbrief. Direct na het aanmelden ontvang je van ons een e-mail met een link om je inschrijving te bevestigen.
Disclaimer: Wij verzamelen zoveel mogelijk informatie om onze lezers te helpen. De Griekse Gids is niet verantwoordelijk voor beslissingen die u neemt op basis van bovenstaande informatie. Houd er rekening mee dat informatie snel (per dag en zelfs per uur) kan veranderen. Zodra er wijzigingen zijn passen wij dit zo snel mogelijk aan op deze website.