Met TUI naar Griekenland
Neckermann Griekenland


  


Deel 09c: De Post-Byzantijnse periode (1057-1453)

De laatste regeerperiode van de Macedonische dynastie was niet best want de boeren en de landbouwers worden door de regering aan hun lot gelaten. Er is onvrede en de kloof tussen de steden en het platteland wordt steeds groter. Economisch ging het helemaal niet goed, omdat de uitgaven van de staat groter waren dan de inkomsten. De kosten voor het onderhouden van de handelsschepen en de oorlogsschepen liepen te hoog op. Om dat goed te maken, sloten ze een bondgenootschap met de Venetianen, die moesten voor de veiligheid zorgen en mochten vrij handel drijven. Dat was een verkeerde beslissing van de Byzantijnen want ze werden helemaal afhankelijk van de Venetianen en zelf hadden ze daardoor ook niet de kracht meer om de vijanden af te slaan.
De Amerikaanse historicus Will Durant schreef: “Dit was het begin van het einde van het Byzantijnse rijk. Tot in de 10e eeuw kregen de inwoners van het Byzantium een stuk landbouwgrond als ze bij het leger gingen. Toen deze regel afgeschaft werd, was men totaal afhankelijk van huurlingen en dat is het begin van het verval van het Byzantium”.

Rond de helft van de 11e eeuw verschijnen nieuwe vijanden, de Turkse Seltsjoeken, een volk uit Centraal-Azië. Veel van hen waren huurlingen van de Arabieren en van hen namen ze het Islamitisch geloof over. Ze bezetten beetje bij beetje de oostelijke provincies van het Byzantijnse Rijk, de gebieden van het huidige Armenië en Cappadocie. Ze hebben een plan; Constantinopel veroveren. In het jaar 1071 vindt een grote veldslag plaats tussen Keizer Romanos de 4e Diogenis en de Turkse Seltsjoeken in het plaatsje Manzikert. Deze nederlaag was zeer pijnlijk voor de Byzantijnen want de Seltsjoeken veroverden toen het grootste deel van Anatolië.

Alsof dit niet genoeg was, verschijnt tien jaar later een andere grote vijand, deze keer uit het westen, de Normandiërs. Omdat de Byzantijnen druk oorlog voeren tegen de Turkse Seltsjeoen, kunnen ze gemakkelijk alle Byzantijnse provincies van zuid-Italië, het Griekse vasteland en de Peloponnesos veroveren. Helemaal in paniek, vraagt keizer Alexios Komninos de Eerste aan de Venetianen hulp, maar de Venetianen willen alleen helpen als ze zeggenschap krijgen over alle Byzantijnse havens. De Venetianen hielpen de Byzantijnen en zo werden de Normandiërs uiteindelijk verslagen.

De Seltsjoeken hadden inmiddels ook Jerusalem bezet. Alexios Komninos de Eerste vroeg hulp aan de Paus om Jerusalem te bevrijden. De Paus vond het op zich een goede zaak want dat was weer een kans om zich met de Oostelijke kerk te gaan bemoeien. Zo ontstonden de Kruistochten, maar de kruistochtvaarders hadden geheel andere plannen. Ze zouden zogenaamd Jerusalem van de Turken bevrijden, maar eigenlijk wilden ze alle gebieden heroveren en voor zichzelf houden! Eigenlijk wilden ze Constantinopel veroveren en dat deden ze in het jaar 1204.

De Griekse Byzantijnen vluchtenweg  van de stad en stichten vier nieuwe staten: het keizerrijk van Nikaia (Nicea), het keizerrijk van Trapezounta (Trabzon), het Despotaat van Epirus en het Despotaat van Mistras (Peloponessos).

In Nikaia (tegenwoordig heet het Iznik en ligt het in het noorden van Turkije) gaat de verbannen Keizer Theodoros Laskaris samen met de Patriarch wonen. Nu ontstaat de vlag met de tweekoppige adelaar, de ene kop kijkt naar het verloren oosten (Azië) de andere kop naar het westen (Constantinopel). De strijd van de Byzantijnen was enerzijds tegen de Turken en anderzijds tegen de Franken. Zevenenvijftig jaar lang bleven ze daar en uiteindelijk lukte het ze om Constantinopel te bevrijden in 1261. In Griekse schoolboeken wordt Nikaia goed omschreven: “De geschiedenis van de stad zonder de stad” (Stad = Poli = Constantinopel = Is tin Poli  = Istanbul).

Heel belangrijk was ook het Keizerrijk van Trapezounta (tegenwoordig het Turkse Trabzon). 257 jaar lang bleef deze streek vrij, het nadeel dat men had was dat het ver afgelegen in het oosten lag. Trapezounta was toen het Christelijke centrum van alle Grieken in de regio. Tegenwoordig noemt met de Grieken die hiervandaan komen Pontioi. Pontioi is afgeleid van het woord Pontos dat de Griekse benaming was van een Geografisch kustgebied bij Cappadocië bij de Zwarte zee (Efxinos Pontos).

Het despotaat van Epirus werd door Michael de Eerste gesticht, de hoofdstad van het Despotaat was de stad Arta. De invloed van dit despotaat op de samenleving was heel groot, niet alleen in Epirus ook in het huidige Griekse district Macedonië. Het grote succes van het despotaat was de bevrijding van Thessaloniki in het jaar 1224 dat twintig jaar eerder door de Franken was veroverd.

Het Despotaat van Mistras (nabij Sparta op de Peloponessos) is door de Paleologos-familie gesticht. Mistras was het centrum van het despotaat in Peloponessos maar geleidelijk aan breidde het zich uit tot aan Korinthe. Deze regio stond bekend om letteren en kunst. De laatste keizer van het Byzantium, Konstantinos Paleologos, is uiteindelijk hier benoemd. Mistras is tegenwoordig een van de grootste toeristische trekpleisters van de Peloponessos.

Wat waren de gevolgen van de catastrofe die de Kruisvaarders hadden veroorzaakt? Nadat de Kruisvaarders Constantinopel leeggeroofd hadden en alle waardevolle schatten naar Europa hadden gebracht, lieten ze de stad links liggen. Keizer Michael de 8e wachtte zijn kans af en in het jaar 1261 heroverde hij Constantinopel. Echter, het Byzantijns Keizerrijk was al dusdanig afgezwakt dat het wachten was op de genadeslag.

In de 14e eeuw verschijnen de Ottomaanse Turken in het oosten van het Byzantijnse Rijk. Het waren fanatieke moslims en ieder volk dat men tegenkwam werd gedwongen om Moslim te worden. Met heel veel gemak bezetten ze allerlei gebieden zo kwamen ze tot bij Proussa (tegenwoordig Bursa) en deze stad werd hun hoofdstad.

Ze waren zeer sterk en onder leiding van Mourad de 1e kwamen ze zelfs Europa in en bezetten Thracië en delen van Macedonië (dit Macedonië heeft niks met Macedonië wat men vandaag Macedonië noemt te maken). In het jaar 1389 vallen ze Servië en Kosovo aan en ze bezetten de hele Balkan.

De Turken willen nu ook Constantinopel bezetten maar dat wordt door de Mongolen verhinderd. In het jaar 1421 wordt Sultan Mourad de 2e leider van de Turken en hij probeert heel Griekenland te bezetten van Thracië tot Peloponnesos, van Epirus tot Thessaloniki. Het leger van Mourad de 2e was zo sterk dat hij alle Christelijke volkeren uiteindelijk overwon.

In het jaar 1444 was het gebied vanaf de Eufraat tot aan de Donau en van de Adriatische zee tot en aan het Egeïsche gebied helemaal Turks, het nieuwe Ottomaanse Rijk was ontstaan. De Ottomanen hadden alles veroverd, behalve dan Constantinopel!

Toen de Byzantijnse Keizer Ioannis Paleologos de 8e hulp aan de Paus vroeg om tegen de Islam te vechten, wilde de Paus helpen, alleen als de Grieken zich tot het Katholicisme zouden bekeren. Dat deden de Grieken niet en het gevolg was dat de Ottomaanse Turken in het jaar 1453 Constantinopel veroverden. 29 mei 1453 is sindsdien de meest zwarte dag van de Griekse geschiedenis. Sindsdien is Constantinopel Turks en sinds minder dan 100 jaar heet deze geweldige stad Istanbul (Grieks: Is tin Poli = Naar de stad).


(Tekst ©De Griekse Gids)





Advertenties

Neckermann Griekenland
TUI Griekenland